18 december, 2017

IOT: “Nederlandse rechter discrimineert”

Een Turks-Nederlandse vrouw krijgt minder schadevergoeding nadat ze arbeidsongeschikt is geraakt, mede vanwege haar afkomst. De rechter gaat ervan uit dat ze normaal gesproken rond haar 26ste kinderen zou hebben gekregen en zou zijn gestopt met werken.

De vrouw werd op 10-jarige leeftijd aangereden door een motorrijder en liep ernstig hersenletsel op. Reaal, de verzekering van de motorrijder, moet een schadevergoeding uitkeren. Die is gebaseerd op het bedrag dat ze zou hebben verdiend als ze had kunnen blijven werken. Het Nederlands Rekencentrum Letselschade bepaalde dat bedrag op ruim 430.000 euro.

Reaal vindt dat het niet meer dan zo’n 70.000 euro moet zijn en verwijst daarbij naar de de statistieken. Was het ongeluk niet gebeurd, dan is het volgens Reaal waarschijnlijk dat de vrouw van haar 26ste tot haar 36ste niet meer zou hebben gewerkt en daarna nog maar 50 procent.

De rechter gaat daarin mee en houdt in de uitspraak rekening met de culturele achtergrond van het slachtoffer en het feit dat ze een vrouw is.

Volgens het Inspraakorgaan Turken in Nederland (IOT) gaat het om een schoolvoorbeeld van discriminatie. “Van alle Turkse jongeren bereikt 25 procent uiteindelijk via het vmbo het hoger onderwijs”, zegt directeur Ahmet Azdural. “Op grond van die statistische gegevens is het goed mogelijk dat het slachtoffer advocaat zou zijn geworden.”

Lees verder op http://nos.nl/artikel/590431-minder-geld-om-turkse-afkomst.html

Reacties (1)

  • 192-168.top

    RECHTSGELEERDHEID MOET UIT DE UNIVERSITEIT

    Vergelijk het lot van rechtenstudenten eens met degenen die zware exacte studies achter de rug hebben en daarna blij mogen zijn wanneer ze een baan als leraar in een exact vak op een school krijgen.

    “Of maak van de rechtswetenschap een echte wetenschap”

    De enige beroepsgroep in Nederland die zich niet druk hoeft te maken om het behoud van haar baan, zich niet hoeft te bekommeren om dreigende en beslissende functioneringsgesprekken etc. zijn de justitiabelen. Zij worden na een doorlopen RAIO traject voor het leven benoemd en worden zoals misdaadverslaggever Peter R. de Vries publiekelijk verklaarde, bij iedere uitglijder niet ontslagen maar weggepromoveerd.

    Quote:
    “Of maak van de rechtswetenschap een echte wetenschap”
    In het juristenblad van februari 2004 maakte een zekere Prof. Dr. Van der Geest er als volgt gewag van: Maak van de rechtswetenschap een echte wetenschap. Hij accentueerde in zijn artikel dat een gebrek aan wetenschappelijkheid bij justitiabelen ten koste gaat van een pragmatische aanpak, zoals rechtspsycholoog Van Koppen al jaren loopt te verdedigen. Er zijn verschillende wetenschappers die hun twijfels hebben geuit ten aanzien van het wetenschappelijke gehalte van rechtsgeleerdheid.

    Etiketjes
    Politicoloog Dr. B. Rovers publiceerde hier reeds in 1999 een onderzoeksrapport over, getiteld justitiële selectiviteit waarin hij de arbitraire en onprofessionele werkwijze van justitie en politie aan de kaak stelde. Volgens Rovers zou de ellende beginnen bij het begin van de strafrechtketen, de politie wier bevindingen zonder slag of stoot worden overgenomen door de justitie en later door de rechter. Men werkt er bijvoorkeur met etiketjes dan met professionele meet- en onderzoeksinstrumenten.

    Het onlangs door de nationale ombudsman geïntroduceerde predicaat voor Nederland als zou het zich door een zesjescultuur laten vergenoegen, is voornamelijk van toepassing op het openbaar ministerie. Hoewel het in Nederland een lot uit de loterij is om de Staat ergens voor op een trefzekere manier aansprakelijk te kunnen stellen, blijft het OM uitglijders maken. Men leeft met de geruststellende wetenschap dat men het gelijk aan haar zijde heeft. Hierdoor zorgen politie en justitie ervoor dat zij op z’n minst in de basis “goed werk” hebben verricht want daar worden ze hoofdzakelijk op afgerekend. Ondanks deze basale prestatie moet de burger het niet wagen justitie te verwijten van broddelwerk . Het weekblad HP/De Tijd schreef in 2002 een artikel onder de titel: “Boven de Wet “, waarin burgers werd gewaarschuwd geen kritiek op rechters te hebben en hen te bejegenen met enige deferentie.

    Kenvakken
    Als ik hierover cynisch mag zijn dan sluit de zesjescultuur naadloos aan bij de studieachtergrond van de justitiabelen. Ik citeer in dit verband de volgende personen en periodieken: Rechtspsycholoog Prof. Dr. P. van Koppen zei op televisie: “rechters zijn lui die vanaf dat ze eerstejaars student rechten waren, niet geraakt zijn met een spatje uit de kenvakken. Kenvakken zijn volgens hem vakken als onderzoeksmethode, wetenschapsfilosofie etc. En inderdaad: vaak stellen rechters in moordzaken bijvoorbeeld zich helemaal afhankelijk van DNA-resultaten die ze zonder slag of stoot overnemen en er werktuiglijk een vonnis op loslaten. Neem als voorbeeld de Puttense moordzaak en het Schiedamse moordzaak . In allebei de gevallen was de DNA-techniek onjuist toegepast. De betrokken rechters hoefden weliswaar geen kennis te hebben van de biochemie maar enige kennis van de kenvakken zou de desbetreffende rechters heel wat publieke sensatie hebben doen besparen.

    Elsevier schreef in mei 2008: “al de jongens en meisjes die op de middelbare school voor hun vakken slechte cijfers behaalden, gingen later rechten studeren”. Op zich is dit niet eens een belediging, maar een impressionistische schildering van een bikkelharde waarheid. Het is toch tegen het zotte aan dat burgers iedere keer moeten meebetalen voor misstanden die justitiabelen begaan vanwege hun onprofessionele handel- en werkwijze? De titel meester loopt men zonder slag of stoot op na een studie van vier jaar, welke ook nog gevrijwaard is van wiskunde, statistiek, kwantitatieve- en kwalitatieve analyse etc. Als deze vakken bij de studie rechten zouden worden ingevoerd, zou deze faculteit dan ook meteen leeglopen want juist vanwege het ontbreken ervan gaan abituriënten van het VWO naar de rechten faculteit.

    Motiveringsplicht
    De wetgever heeft, in plaats van de justitiabelen harder aan te pakken, het ontslagrecht tegen hen in werking te brengen, strengere selectiecriteria te hanteren bij de wervingsprocedure van officieren van justitie en rechters, enkel volstaan met de invoering van een motiveringsplicht.

    Helaas is het bij de regel gebleven terwijl rechters keihard doorgaan met, wat B. Rovers als voornoemd schreef in zijn onderzoekrapport: “… zich laten leiden door particuliere indrukken waarbij ze ook geen vooringenomenheid jegens de verdachte schuwen ,vooral wanneer deze een etnische achtergrond heeft”. In het geruchtmakende essay “dubieuze zaken “van de tripartiete combinatie Crombag, Wagenaar en Koppen wordt met behulp van talloze casussen uitentreuren gedemonstreerd hoe amateuristisch, kort door de bocht en zelfs ondoordacht officieren van justitie en rechters tot hun fatale oordeel komen. Zij hebben er kennelijk ook geen erg in dat zij een foute inschatting hebben gemaakt omdat zij zich berusten in hun onschendbare positie.

    Medelijden
    Als het gaat om waardering op grond van studieprestatie dan heb ik oprecht medelijden met degenen die zware exacte studies achter de rug hebben en daarna blij mogen zijn wanneer ze een baan als leraar in een exact vak op een school krijgen. Degenen die al vanaf de middelbare school er met het petje naar smeten, er met een pretpakket weg konden, scoren het hoogst op de maatschappelijke ladder.

    Als ik juristen plaats in het rijtje van alfawetenschappers w.o. psychologen, pedagogen, culturele antropologen etc., dan moet er worden opgemerkt dat deze categorie zich niet bedient van platitudes en alledaagse sentimenten om een visie te etaleren. Hun tekstuele weergave getuigt van eruditie, een praktische toepassing van het geleerde. Justitiabelen bijvoorbeeld komen tot een slotsom die op dezelfde wijze lijkt te zijn verkregen zoals bezoekers van een stamcafé menen te kunnen uitleggen hoe de profvoetballer de gemiste doelpunt had kunnen voorkomen.

    Als deze beroepsgroep het niet zo nauw neemt met de wetenschap, met de theoretische vakken die men in de praktijk zou moeten toepassen, dan is het zeker tijd om erop te studeren of een vak als rechten niet meer gecertificeerd zou moeten worden als een wetenschappelijk leertraject maar dat het beter buiten een universitair verband ergens kan worden ondergebracht.

    dr. ir. Rabin Gangadin , Ph.D, onderzoeker vrijheid van meningsuiting

Geef een reactie

You must be logged in to post a comment.

scroll to top